Mentoraat Kitty Pouwels

Mentoraat Kitty Pouwels

 

Laura_van_Campenhout_Rode_hond_rode_hond.jpg

Toen uitgeverij Cossee me eind 2010 vroeg de debuutroman van Jeremy Chambers, The Vintage and the Gleaning, te vertalen, had ik net de intensieve cursus van het ELV achter de rug. Onderdeel van die cursus was een leerzame en geanimeerde tweedaagse vertaalworkshop onder leiding van Harm Damsma en Niek Miedema. Ook werd er uitgebreide informatie gegeven over mentoraten. Bij mijn nieuwe vertaalproject kon ik, dacht ik, wel wat hulp gebruiken. De schrijver geeft het woord aan een voormalige schapenscheerder uit de Australische outback, een stille man met een eigenaardige manier van denken en spreken. Zijn relaas wordt onderbroken door een lange monoloog van de vrouw die bij hem komt schuilen. Die twee zeer verschillende stemmen zouden in overtuigend Nederlands moeten gaan klinken. Ook in de vele verwijzingen naar flora en fauna voorzag ik problemen. Desgevraagd verklaarde Harm Damsma zich bereid om mijn mentor te zijn, en onze aanvraag werd door het ELV met een beurs gehonoreerd

We stelden een plan op, met als uitgangspunten enerzijds de specifieke moeilijkheden in het boek en anderzijds mijn neiging om bij het vertalen te veel vast te houden aan de letter van de brontekst. Om te beginnen zou ik Harm de eerste twintig pagina's van mijn vertaling toesturen, waarna we die zouden bespreken. Zo wilden we nog twee lange fragmenten uit het boek behandelen, waaronder, als laatste, de monoloog van de vrouw.

Van die besprekingen is het door omstandigheden niet gekomen. Wel ontving ik per post telkens een pakket dat bestond uit een uitdraai van mijn vertaling, grijs van de in potlood toegevoegde cijfers, omcirkelingen, opmerkingen en suggesties, en daarbij een paar getypte velletjes met begeleidend commentaar, vaak in vragende vorm: 'Weet je zeker dat wijnboeren dit zo noemen?', 'Is dat een uitdrukking?' en 'Hoe vaak gebruik jij als je iets aan het vertellen bent een tegenwoordig deelwoord?'

Gelukkig vond ik af en toe ook een bemoedigend 'Mooi!' in de kantlijn. Voor het eerst van mijn leven kreeg ik een compliment voor de zin: 'Hun zie ik ook' (uit de mond van de schapenscheerder). Harms commentaar heeft me geholpen om beter en preciezer te leren vertalen, juist door me duidelijk te maken dat je vastklampen aan de letterlijke bewoordingen in de brontekst niet hetzelfde is als trouw aan die tekst. De drie pakketten heb ik nog steeds; ik mag er graag serendipisch in bladeren en kom dan steeds nuttige opmerkingen tegen waarbij ik denk: 'O ja!'

 

Kitty Pouwels
Februari 2013