State of Translation 2017

Tijdens de derde State of Translation in SPUI25 afgelopen maandag 13 februari sprak Nicolette Hoekmeijer over het vertalen van identiteiten en de identiteit van de vertaler.

21 februari 2017

Aan de hand van voorbeelden uit haar vertalingen van o.a. Nathaniel Rich, Paul Kingsnorth, Edward St Aubyn, Yaa Gyasi en Maggie Nelson nam de vertaler het publiek mee in een zintuigelijke zoektocht. Het aloude ‘vertalen wat er staat’ is niet toereikend genoeg, volgens Hoekmeijer. Zij vergelijkt vertalen met method acting. De vertaler ís tijdelijk haar of zijn personages en gaat daarvoor op zoek naar een gevoeliger zintuigelijk bewustzijn. Met de middelen die zij tot haar beschikking heeft, creëert zij een belevingswereld, niet alleen voor zichzelf maar uiteindelijk ook voor de lezer. Is een vertaler dan in staat om echt elke identiteit aan te nemen? Als de afstand tussen auteur en personage of verhaal ook voor de vertaler overbrugbaar is wel, maar sommige werken zijn volgens Hoekmeijer door hun generatiegebonden dynamiek gewoonweg gebaat bij een vertaler van de generatie in kwestie. En daarom, kijkend naar de State of Translation, is de aanwas van jong vertaaltalent zo belangrijk, sluit de vertaler af.

Niña Weijers en Gys-Walt van Egdom reageerden om beurten op Hoekmeijer, vanuit het perspectief van de auteur en de vertaalwetenschapper. Aansluitend namen de drie deel aan een panel onder leiding van Maite Karssenberg en kreeg het publiek de kans vragen te stellen.

   

The State of Translation is een jaarlijkse rede door een expert op het gebied van literaire vertalingen. Op uitnodiging van SPUI25, in samenwerking met Athenaeum Boekhandel, bespreekt hij of zij bij aanvang van het nieuwe kalenderjaar de stand van het literair vertalen in Nederland door antwoord te geven op de vraag ‘Hoe is het gesteld met de kwaliteit van literaire vertalingen in Nederland?’.